habitats en in het wild levende dieren
beschermende maatregelen tegen het binnenbrengen van organismen
Nationale en internationale beschermende maatregelen tegen het binnenbrengen van organismen, waaronder Richtlijn 2000/29/EG van de Raad betreffende de beschermende maatregelen tegen het binnenbrengen en de verspreiding in de Gemeenschap van voor planten en voor plantaardige producten schadelijke organismen.
bescherming tegen natuurelementen
Natuurkrachten, zoals weerpatronen en seizoensschommelingen, hun kenmerken en alle middelen ter bescherming daartegen.
herstel van habitats
Het herstellen en saneren van gebieden waar habitats zijn vernietigd, de zeebodem is veranderd, of waar bepaalde dier- en plantensoorten dreigen uit te sterven. Het herstel van habitats omvat ook de beperking van vervuiling, erosie en ontbossing. De procedure om biodiversiteit en een operationeel ecosysteem te herstellen, vereist kennis over de bescherming, het beheer en het herstel van dier- of plantensoorten door biotische en abiotische factoren terug te brengen naar historische niveaus.
onderhoud van natuurgebieden
De methoden om (al dan niet natuurlijke) natuurgebieden te behouden, met inbegrip van ontwikkeling en uitvoering van behoudprogramma’s.
projecten over wilde planten en dieren
Natuur- en dierenbeschermingsprojecten, gericht op het beschermen en behouden van ecosystemen en habitats van een grote verscheidenheid aan dieren die worden bedreigd door verstedelijking.
wilde planten en dieren
Niet-gedomesticeerde diersoorten, evenals alle planten, schimmels en andere organismen die in het wild in een gebied groeien of leven zonder daar door de mens te zijn binnengebracht. Wilde dieren zijn te vinden in alle ecosystemen, bijvoorbeeld woestijnen, bossen, regenwouden, vlakten, graslanden en andere gebieden, waaronder de meest ontwikkelde stedelijke gebieden, die allemaal verschillende vormen van wilde dieren en planten hebben.